Residentiële behandeling voor ouderen (afdeling 32)

Doelgroep

Deze residentiële afdeling is een opname- en behandelafdeling voor mannen en vrouwen vanaf de leeftijd van 60 jaar. Ouderen met alle psychiatrische problematieken, behalve een psychotische problematiek, kunnen hier terecht. Meestal gaat het om mensen met een depressie of angstproblematiek, met een persoonlijkheidsstoornis of een verslavingsproblematiek. Secundair aan de psychiatrische problematiek kan er een organisch beeld aanwezig zijn.

Doelstellingen

Doordat de afdeling openstaat voor verschillende psychiatrische ziektebeelden, is er een grote verscheidenheid in behandeldoelstellingen. De afdeling biedt sterk individueel gerichte zorg.

Op deze afdeling wordt gestart met een observatiefase, waarin men probeert zicht te krijgen op de problemen/diagnostiek en de ruime context waarin de patiënt zich situeert.

Tijdens de behandelingsfase wordt een persoonlijk en individueel behandelingsplan opgesteld, met eigen doelstellingen en actieplannen. Dit behandelingsplan wordt samen met de betrokkene overlopen en gerealiseerd.
Daarna volgt een ontslagfase waarin de patiënt zo goed mogelijk wordt voorbereid op het leven na de opname.

Daarna volgt een ontslagfase waarin de patiënt zo goed mogelijk wordt voorbereid op het leven na de opname.  Er is een termijn vastgelegd van drie maanden opname die kan verlengd worden indien er een verdere psychiatrische behandelindicatie gesteld wordt door het team.

Behandelaanbod

De behandeling verloopt gefaseerd. Iedereen heeft zijn eigen behandelplan maar tegelijkertijd kan er geparticipeerd worden aan de groepsprogramma’s.

1. De oriëntatiegroep
Bij aanvang van de opname volgen patiënten gedurende 4 tot 6 weken de oriëntatiegroep Observatie en diagnostiek vormen hier de belangrijkste doelstelling. De sterktes en kwetsbaarheden worden in kaart gebracht op interpersoonlijk, intrapersoonlijk, cognitief en motorisch vlak..

2. De therapiegroepen
- Therapiegroep A:
In deze groep neemt de therapeut een sturende rol in. Er wordt voornamelijk ondersteunend en structurerend gewerkt. De therapeut deelt de opdracht uit of leidt het gesprek. De bedoeling is dat de mensen meer houvast en structuur krijgen en dit kunnen benutten in de woonsituatie buiten het ziekenhuis.

- Therapiegroep B:
Het groepsdynamische aspect staat in deze groep meer op de voorgrond. De therapeut neemt een minder sturende rol in en geeft zo veel mogelijk autonomie aan de groep. Bij deze groep kan inzichtelijk, zelf-reflecterend en ontdekkend worden gewerkt. Dit gebeurt weliswaar in de mate van het mogelijke. Sommige groepen hebben meer sturing nodig.

- De activiteitengroep:
De voornaamste doelstelling bij deze groep is activering en het bieden van dagstructuur en een zinvolle tijdsinvulling. Hierdoor worden de resterende vaardigheden gestimuleerd, kunnen patiënten positieve ervaringen opdoen en komen ze in beweging en uit hun sociale isolement.

Visie

Op de afdeling wordt er gewerkt met de cliëntgerichte basisvisie, met systeemtherapeutische en narratieve accenten.