Residentiële behandeling voor mensen met een acute psychose (afdeling 21)

Doelgroep

Het behandelaanbod voor acute psychose staat open voor mannen en vrouwen van 18 tot 60 jaar. De open afdeling (afdeling 21) biedt plaats aan 36 patiënten verdeeld over 2 leefgroepen.

In leefgroep 1 verblijven patiënten met acute psychotische symptomen, die veel behoefte hebben aan nabijheid en structuur. Bij acute crises en nood aan begrenzing kan er altijd beroep gedaan worden op de gesloten afdeling 51.

In leefgroep 2 worden psychotische patiënten opgenomen die meer zelfredzaam en autonoom functioneren.

Voor beide leefgroepen geldt dat patiënten nog geen lange voorgeschiedenis hebben van psychose (van eerste psychose tot maximum 5 jaar ziektegeschiedenis).

Er wordt vooral ingespeeld op jonge mensen.

Doelstellingen

Een opname op deze afdeling staat in functie van diagnostiek en het helder krijgen van de problemen.

Het behandelprogramma beoogt zowel de psychotische symptomen te verlichten als de psychische en sociale gevolgen van de aandoening.

De behandelinterventies zijn gericht op het verkleinen van de kans op terugval, het scheppen van een omgeving waarin de patiënt zich optimaal kan ontplooien, het bevorderen van herstel en verbeteren van de kwaliteit van leven.

Er wordt gestreefd naar een zo kort mogelijke opnameduur

Behandelaanbod

Het behandelaanbod is gebaseerd op volgende pijlers

• acute opvang en stabilisering
• observatie en diagnostiek
• contact bevorderende, structurerende en nabije zorg
• motiverende gespreksvoering (omgaan met weerstand en zoeken naar bereidheid tot verandering)
• therapieaanbod
• gefundeerd advies omtrent behandeling en verdere oriëntatie (intern of extern)
• betrokkenheid van familie en/of naasten
• werken met de externe context en leefomgeving van de patiënt
• aandacht voor comorbiditeit

In alle gevallen gaat de behandeling uit van het bio-psycho-sociaal model en wordt er gewerkt vanuit een multidisciplinair team die alle facetten van het ziek-zijn bestrijkt.

Het behandelaanbod bestaat uit individuele sessies en een groepsaanbod. Het observatieprogramma en de sturingsgroep zijn 2 groepstherapieëen binnen deze afdeling.

Het behandelaanbod wordt geregeld getoetst aan de wetenschappelijke standaarden en de adviezen vanuit internationale literatuur.